|
Het Triade-model is
toegepast in vele, verschillende gedragssituaties. Hier volgen twee eenvoudige
voorbeelden.
1. Voorspeld moet
worden of Jansen een boek zal gaan lezen. Hiervoor is het noodzakelijk
dat hij gemotiveerd is, dat hij het boek kan lezen, dat hij er de tijd
voor heeft en dat de omstandigheden niet storend zijn. Hij is niet gemotiveerd
als het onderwerp hem niet interesseert of als hij er niet toe gedwongen
wordt vanwege, bijvoorbeeld, studieverplichtingen. Hij heeft niet de capaciteit
als het boek te duur is (financiele capaciteit), het boek te ingewikkeld
is (mentale capaciteit), de letters te klein zijn (fysieke capaciteit)
of als hij geen bril heeft (instrumentele capaciteit). Tot slot, hij heeft
onvoldoende gelegenheid als de tijd te beperkt is of als er sprake is
van afleiding in de omgeving - bijvoorbeeld door een enthousiaste klopboor.
2. Jansen loopt een
halve marathon. Hij probeert een persoonlijk record te vestigen. Of hij
dit blijft proberen is afhankelijk van zijn motivatie, capaciteit en gelegenheid
op verschillende tijdstippen. Zijn motivatie wordt bepaald door de beloning
die de winnaar te wachten staat. De capaciteit wordt bepaald door Jansens
conditie (fysieke capaciteit) en de kwaliteit van kleding en schoenen
(instrumentele capaciteit). De gelegenheid betreft de tijd die hij nog
heeft om de finish te halen en de weersomstandigheden: heeft hij wind
mee of tegen?
|